LESSEN
1 instapper/uitstappen, zit- en stuurhouding, hoofdsteunen, spiegels, gordels, starten en afzetten van de motor, sturen en stuurtechniek
2 ontkoppelen, inschakelen, wegrijden, remmen, ontkoppelen en stoppen
3 opschakelen
4 terugschakelen
7 hellingproef met en zonder gebruik van de handrem
8 a/b recht achteruit/bochtachteruit
8 c achteruit (denkbeeldige) garage in en uitrijden
8 d achteruit inparkeren leeg vak en tussen twee auto’s
9 achteruit in file parkeren
10 halve draai
11 keren op een niet brede rijbaan/weg
12 naderen oprijden, oversteken en verlaten van kruispunten van gelijke orde
12 b berijden van voorrangskruispunten
12 c naderen, oprijden, oversteken en verlaten van kruispunten met een groot conflictpunten
13 a afslaan naar rechts
13 b afslaan naar links
14 inhalen binnen de bebouwde kom
15/16 invoegen, rijden, inhalen, uitrijden op autowegen en autosnelwegen
17 naderen en rijden op rotondes
|
VOOR EEN VLOTTE, VEILIGE VERKEERSDEELNAME, VOL ZELFVERTROUWEN |